Han's Castagnaccio

Foto Hantaart
Bekijk de video

Over het recept

Castagnaccio is van zichzelf nauwelijks zoet; de smaak is puur, nootachtig en heerlijk aards. Ik ontdekte laatst iets prachtigs over dit middeleeuwse taartje: het heeft de tand des tijds niet alleen overleefd, maar draagt zijn geschiedenis bijna trots met zich mee. Al in 1553 schreef Ortensio Lando – Italiaanse humanist, schrijver en charmante vrijdenker – dat deze halfzoete kastanjetaart uit Midden-Italië komt.

Wat ik misschien wel het mooiste vind, is hoe castagnaccio overal verschijnt waar kastanjebomen groeien: in Toscane, Umbrië, Calabrië… In de bergstreken waren kastanjes ooit het voedsel van de armen, en dit taartje was pure troostkost. Geen franje, geen opsmuk: de ingrediënten spreken voor zich, en juist daarin schuilt de schoonheid.

En dan die symboliek! Castagnaccio is bijna een eetbare landkaart van Midden-Italië: kastanjemeel uit de bergen, olijfolie uit de valleien, pijnboompitten van de kust. Voeg wat rozemarijn en rozijnen toe – het liefst geweekt in lokale grappa – en je proeft de hele regio in één hap. Door zijn stevige, sobere structuur noemden ze het vroeger zelfs pane di legno: houtbrood. Hoe mooi is die naam?

Castagnaccio eet je lauwwarm of op kamertemperatuur, liefst met een lepel mascarpone met wat honing, of een glaasje dessertwijn ernaast. Puurder dan dit wordt het bijna niet.

Dit zit er in de doos
  • Een springvorm van ø22 cm
  • 1 vel bakpapier
  • 300 gram kastanjemeel
  • 50 gram rozijnen
  • 30 gram walnoten
  • 40 gram pijnboompitten
  • 1 takje verse rozemarijn
  • 3 eetlepels grappa
Benodigheden
  • 450 ml water
  • Snuf zout
  • 2 a 3 eetlepels olijfolie
Stap 1

Week de rozijnen 30 minuten in de Grappa.

Stap 2

Bekleed de bakvorm met bakpapier en vet het papier in met olijfolie.

Stap 3

Zeef het kastanjemeel boven een kom om klonten te voorkomen.

Stap 4

Voeg langzaam het water toe, terwijl je roert met een garde. (De structuur moet lijken op dikke pannenkoekenbeslag.)

Stap 5

Meng een snuf zout en 2 eetlepels olijfolie, een paar snippers rozemarijn en ongeveer de helft van de geweekte rozijnen door het beslag en giet deze daarna in de vorm.

Stap 6

Verdeel de rozijnen, pijnboompitten en eventueel wat walnoten over de bovenkant van het beslag.

Stap 7

Strooi rozemarijn naaldjes erover en besprenkel met nog een beetje olijfolie.

Stap 8

Bak ± 35 minuten, tot de bovenkant barstjes krijgt en licht begint te kleuren.

Deel het eindresultaat met ons!